| |
Kooijwijkse Molen
|
|
| |
| |
Inv.
nr. |
159 |
|
|
| |
Dorp |
Oud-Alblas |
|
|
| |
Gemeente |
Graafstroom |
|
|
| |
Eigenaar |
SIMAV
(sinds 1985) |
|
|
| |
Type |
ronde
stenen grondzeiler |
|
|
| |
Functie |
tot
1953 het bemalen van de delen Noordzijde en Noordzijde de Hei (totaal 580
ha), samen met een motorgemaal. |
|
|
| |
Bouwjaar |
1866 |
|
|
| |
Opvoerhoogte |
bij zomerpeil
1,15 m
bij winterpeil 1,35 m |
|
|
| |
Vlucht |
26,20
m |
|
|
| |
Wiekvorm |
Oud-Hollands |
|
|
| |
Bovenas |
F.J.
Penn & Comp., Dordrecht, nr. 310 (1866) |
|
|
| |
Roeden |
binnenroede:
Derckx Constructie, Beegden, nr. 364 (1981)
buitenroede: Derckx Constructie, Beegden, nr. 363 (1981) |
|
|
| |
Wateras |
Gietijzer,
fabricage gegevens onbekend |
|
|
| |
Sintelstuk |
Gietijzer,
fabricage gegevens onbekend |
|
|
| |
Scheprad |
diameter:
5,76 m
breedte: 0,47 m |
|
|
| |
| |
Historische
en technische bijzonderheden |
|
| |
Ter
plaatse van de huidige molen stond voor 1866 een wipmolen die vanwege zijn
slechte toestand werd afgebroken en vervangen door de ronde stenen
grondzeiler.
Op 20 januari 1960 verkocht de polder Oud-Alblas de molen aan de gemeente
Oud-Alblas voor een gulden. De verkoop vond plaats onder enkele
voorwaarden. De belangrijkste hiervan waren dat de gemeente zich
verplichtte de molen in bedrijfsklare staat te brengen en te houden, dat
de polder het recht behield de molen mistens 75 uur per jaar te laten
malen zonder hiervoor enige vergoeding aan de gemeente schuldig te zijn en
dat aan de molenaar te allen tijde toegang tot de molen moest worden
verleend om te malen of de zeilen te drogen. De polder zou als
tegemoetkoming in de kosten van restauratie de eerste vier jaar jaarlijks
f 250 bijdragen. In januari 1981 vonden ingrijpende herstellingen aan de
molen plaats. Er werd onder andere een nieuw wiekenkruis aangebracht, het
voorkeuvelens vernieuwd en het kruiwerk hersteld.
Op 23 september 1985 ging de gemeenteraad van Oud- Alblas akkoord met het
voorstel van het gemeentebestuur de molen voor het symbolische bedrag van
een gulden te verkopen aan de Stichting tot Instandhouding van Molens in
de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden. Tevens werd aan de nieuwe
eigenaresse een krediet van f 15.000 toegezegd voor het herstellen van
enige aan de molen geconstateerde gebreken.
Opvallend is dat de spanten en gordingen van de kap in profielijzer zijn
uitgevoerd en mogelijk nog dateren van de bouw van de molen in 1866.
VERSIERINGEN EN INSCRIPTIES
Groen geschilderde, wit afgebiesde baard. Hierop is op een witte
ondergrond in rood geschilderd ANNO 1866. Ook het wapen van de
vroegere gemeente Oud-Alblas is op de baard aangebracht.
Overgenomen uit het boek: "Van maalwerktuigen tot
cultuurmonumenten" van de Stichting Publikaties Alblasserwaard en
Vijfheerenlanden.
|
|